LXXV.

Gerundium
Supinum
Gerundivum

 

A. Gerundium en supinum I en II

Het hele werkwoord kan fungeren als een zelfstandig naamwoord. Vergelijk:

Pugnare atrox est - vechten is verschrikkelijk.
Pugna atrox est - het gevecht is verschrikkelijk.

De functie van pugnare én van pugna is subject: pugna is dus nominativus, en pugnare kun je ook beschouwen als een nominativus, en wel onzijdig enkelvoud. Vergelijk nu:

Pugnare cupimus - wij verlangen te vechten.
Pugnam cupimus - wij verlangen naar het gevecht.

De functie van pugnare én van pugnam is object (Wat verlangen wij?). Pugnam is accusativus, en pugnare kun je dus ook beschouwen als een accusativus, onzijdig enkelvoud.

Het gerundium = het hele werkwoord als zelfstandig naamwoord in de genitivus, dativus, ablativus en accusativus-na-voorzetsels. Voorbeelden:

genitivus : Ars pugnandi difficile est : De kunst van het vechten is moeilijk.
dativus : Pugnando studeamus! - Laten wij ons toeleggen op het vechten!
accusativus-na-voorzetsels: Veniunt ad pugnandum - Zij komen om te vechten.
ablativus : Fortiter pugnando gloriam pariemus - Door dapper te vechten zullen wij roem verwerven.

Het gerundium kent geen meervoudsvormen.

De vorming van het gerundium: praesensstam + -nd- + -i, -o, -um, -o:

a-stam e-stam medeklinkerstam i-stam capio- groep
vocare terrere mittere audire capere
vocandi terrendi mittendi audiendi capiendi
vocando terrendo mittendo audiendo capiendo
ad vocandum ad terrendum ad mittendum ad audiendum ad capiendum
vocando terrendo mittendo audiendo capiendo

 

Het gerundium kom je vaak tegen in Latijnse teksten.
Veel zeldzamer is het supinum. In betekenis komt het supinum overeen met het hele werkwoord; qua vorm is het een zelfstandig naamwoord van de vierde declinatie, dat slechts voorkomt in de acc. op -um en de abl. op -u. Het supinum op -um (supinum I) wordt gebruikt na werkwoorden die beweging uitdrukken, het supinum op -u (supinum II) na adiectieven.
Tip: Leer de term supinum samen met de twee volgende voorbeelden uit je hoofd, en je weet genoeg!

Veniunt pugnatum = zij komen om te vechten. (supinum I)
Horribile
dictu = vreselijk om te zeggen. (supinum II)

[Zoals je aan de voorbeelden kunt zien, wordt bij de vorming van het supinum uitgegaan van het voltooid deelwoord. Dat geldt overigens voor de gehele vierde conjugatie: je vindt er veel woorden, die afgeleid zijn van werkwoorden, en dan uitgaan van het ppp; bijv. exercitus, fletus, etc.]

 

Leer de theorie, en daarna ook de volgende woorden:

censêre : schatten, menen, oordelen
ceterum (adv) : overigens
comperire, comperi, compertum : bevinden, vernemen
dimicare : strijden
distribúere, distribui, distributum : verdelen
diuturnus : langdurig
hiemare : overwinteren
horribilis, -is : huiveringwekkend
manifestus : onmiskenbaar
obsidio, obsidionis : beleg(ering)
otium : rust, vrije tijd
praeceptum : voorschrift, instructie
progressus, -us : vordering
revocare : terugroepen
tuba : trompet
viginti (verbuigt niet) : twintig

Onthoud door associatie:

gen. + causâ : wegens, om(wille van)
censere > censuur; census
ceterum > et cetera
comperire > ?
dimicare > ?
distribuere > distributie
diuturnus > diu (la)
hiemare > hiems (la)
horribilis > horrible (en; fa); horror
manifestus > manifest; manifestatie
obsidio > ?
otium > ?
praeceptum > precept (en)
progressus > progress (en)
revocare > re- en vocare
tuba > tuba? => trompet
viginti > vingt (fa)

 

Oefening 1 :
Vertaal de volgende zinnen:

1. Romam venerunt legati auxilium in hostes rogatum. [supinum]
2. Legiones per omnem provinciam hiemandi causâ distributae sunt.
3. Consul castra movere neque moram dimicandi facere constituit.
4. Hoc facilius dictu quam factu esse manifestum est. [supinum]
5. Caesar viginti se dies ad deliberandum sumpturum legatis respondit.
6. Daedalus Icaro filio praecepta volandi dedit.
7. Nonnulli cives Delphos sunt missi oraculum consultum. [supinum]
8. Vox horribilis auditu ex sepulcro comperta est. [supinum]
9. Tacendo causam tuam meliorem non facies.
10. Arte natandi pueri Batavorum erudiebantur.
11. Non ludendo, sed discendo progressus in studiis facietis, pueri!
12. Nescimus, cur hoc opus facile factu nondum finiveris. [supinum]
[finiveris: coni. van de indirecte vraag!]

Kijk na: KLIK HIER

 

B. Gerundivum: attributief en predicatief.

Het gerundivum = het van een werkwoord afgeleid bijvoeglijk naamwoord, dat noodzaak of verplichting uitdrukt.
Het gerundivum wordt gevormd met de praesensstam + -nd- (net als het gerundium), maar omdat het een bijvoeglijk naamwoord is, heeft het ook mannelijke en vrouwelijke vormen, én vormen voor het meervoud:

enkelvoud mannelijk vrouwelijk onzijdig
nom. vocandus vocanda vocandum
gen. vocandi vocandae vocandi
dat. vocando vocandae vocando
acc. vocandum vocandam vocandum
abl. vocando vocanda vocando
meervoud


nom. vocandi vocandae vocanda
gen. vocandorum vocandarum vocandorum
dat. vocandis vocandis vocandis
acc. vocandos vocandas vocanda
abl. vocandis vocandis vocandis
       
e-stammen terrendus terrenda terrendum
  etc    
medeklinkerstammen mittendus mittenda mittendum
  etc    
i-stammen audiendus audienda audiendum
  etc    
capiogroep capiendus capienda capiendum
  etc    

 

Dit zijn natuurlijk weer de bekende uitgangen!

Attributief (= bijvoeglijk) gebruik : epistula scribenda : een brief, die geschreven moet worden.
Predicatief gebruik (met esse): epistula scribenda est : de brief moet geschreven worden.
De handelende persoon wordt uitgedrukt door de dativus ( de zgn. dativus auctoris):
Mihi epistula scribenda erat : een brief moest door mij geschreven worden = ik moest een brief schrijven.

 

Oefening 2 :
Vertaal de volgende zinnen:

1. Cras complures epistulae mihi scribendae erunt.
2. Libertas patriae omnibus civibus amanda ac defendenda est.
3. Rem valde laudandam heri de te audivi.
4. Non tacendum, sed respondendum est tibi.
5. Cadmus ex oraculo quaesivit, quae sibi terra esset habitanda.
6. In obsidione diuturna multa gravia sunt toleranda.
7. Cato in senatu dicere solebat: 'Ceterum censeo Carthaginem esse delendam'.
8. Vix credenda tibi narrabo: tamen sunt vera.
9. Croesus consuluit oraculum, quid sibi faciendum esset.
10. Pacem et otium res valde optandas appellare solemus.
11. Cum hostis appropinquat, portae claudendae, arma capienda, muri defendendi sunt.
12. Caesari omnia uno tempore erant agenda: signum tuba dandum, ab opere revocandi milites, acies instruenda, milites monendi.

Kijk na: KLIK HIER

 

N.B.1. Het gerundivum is een bijvoeglijk naamwoord. Het kent mannelijke, vrouwelijke en onzijdige vormen, in enkelvoud én meervoud. Het gerundium is een zelfstandig naamwoord, dat alleen in het enkelvoud voorkomt. Probeer dit belangrijkste verschil te onthouden!

N.B.2. In les 87 zal de gerundivum-constructie behandeld worden. Het gerundivum wordt op twee manieren gebruikt:
1. Zoals in deze les is uitgelegd: het drukt noodzaak of verplichting uit.
2. Zoals in les 87 zal worden uitgelegd.
Wat het gerundivum betreft ben je dus pas halverwege! Kox hoopt, dat je troost put uit de gedachte, dat het gerundium en het supinum nu volledig zijn behandeld ...